In memoriam Bob van der Sluis

Er is een Amsterdammer dood gegaan..... Niet, zoals tekstschrijver Wim Kersten in het kader van het 700-jarig bestaan van de hoofdstad bezong, zat die Mokumer gewoon in zijn café te kaarten. Evenmin kreeg hij een glaasje bier van tante Sjaan en gaf hij daarna hupsake de pijp aan Maarten. Wellicht had ook ras-Amsterdammer Bob van der Sluis op eenzelfde prozaïsche wijze het aardse voor het eeuwige willen inwisselen. Het was hem niet gegeven.Met leedwezen hebben wij kennis genomen van het heengaan van Bob die lid (nr. 224) was van onze stichting Nederlandse Autorensport Vrienden (NAV). Toch kwam de onheilstijding - hoe hard ook - niet als een volslagen verrassing. Bob maakte er geen geheim van dat hij ongeneeslijk ziek was. Hij streed tegen het monster dat kanker heet. In de Anthony van Leeuwenhoek Kliniek konden zij niets meer voor hem doen. Op vrijdagmiddag 23 april jl. om 2 minuten over zes gaf hij op 67-jarige leeftijd het ongelijke gevecht op. Onze gedachten gaan dan ook uit naar zijn vrouw Ineke en dochter Cecille die wij alle kracht toewensen om het verlies van hun markante echtgenoot en vader te dragen. Het is een tweede zware slag in korte tijd die zij te verwerken krijgen, nadat twee jaar geleden dochter Chantal eveneens aan de gevreesde ziekte was overleden.  Er is een Amsterdammer dood gegaan...... maar dan wel een markante Mokumer die wij natuurlijk vooral kennen vanuit de autorensport waaraan hij met hart en ziel was verpand. Zijn boekenkast puilt uit van de autosportboeken en in het kantoor in hartje Mokum dat hij samen met zakenpartner Harmen van de Putten deelt, zijn de wanden behangen met raceposters en -foto's. Veel herinnert er aan de tijd dat hij nog zelf racete, zoals een ingelijste brief van de Nederlandse Autorensport Vereniging uit 1962 waarin hij werd gefeliciteerd met zijn klasse-overwinning met een Volkswagen. Daarin werd hem ook gewezen op de riskante manier waarop hij buitenom in het Scheivlak tegenstanders passeerde. Dat moest hij voortaan maar uit zijn hoofd laten, waarop Bob met Amsterdamse tongval en bluf bromde: “Wat een schijtlijsters waren dat vroeger!”.   Er is een Amsterdammer dood gegaan...... die ook menigmaal de media haalde. Niet alleen als coureur toen hij in 1971 in de finaleraces op het circuit van Zandvoort clashte met Toine Hezemans met wie hij een haat-liefde-verhouding had. Bob werd met zijn Alfa Nederlands kampioen in de klasse tot 1300cc, wat Toine niet kon verkroppen. Bob haalde ook de pers als partner van Ton Fagel met wie hij het vastgoedbedrijf F&S Properties bestierde en dat niet bepaald onomstreden was in de woningwereld. Met F&S was Van der Sluis ook actief in de autosport, eerst in lagere formule-klassen en later zelfs even in de Formule 1. Het imperium van F&S waar geld geen rol leek te spelen, stortte echter ineen en Bob stapte er in 1979 uit. Dat was ook het moment dat hij weer zelf ging racen. Met een Alfa Bertone waaraan zoveel gesleuteld werd dat hij die als “de duurste raceauto ter wereld” bestempelde. De racepassie heeft hem nimmer losgelaten. Zelfs dacht hij er nog over om vorig jaar samen met Harmen van de Putten aan het Dutch GT4 deel te nemen met een Corvette. Die gedachte moest hij loslaten toen het lichaam als gevolg van blaaskanker niet meer meewerkte. Er is een Amsterdammer dood gegaan....... die bekende zijn leukste racetijd te hebben meegemaakt met zijn dochter Chantal die hij altijd liefkozend 'Chantie' noemde. Samen trokken zij heel Europa door toen Chantal kartte en later in de racerij stapte. Dat hij zijn dochter moest wegbrengen, heeft hem heel erg aangegrepen. “Het is bizar dat eerst mijn dochter kanker kreeg en later ik. Het is zo erg dat je dochter nog eerder gaat dan ik”, vertelde hij vorig jaar aan De Telegraaf in een interview waarin hij bekende zijn heil te zoeken bij een homeopaat “omdat je toch wat moet”. Bob wordt naast het graf van Chantal bijgelegd. Er naast, want zo sprak hij met zwarte humor: “Ik ga niet boven op haar liggen....”. Bob wordt op 29 april as. in besloten kring begraven. In zijn geliefde Amsterdam. Hij wilde geen poespas. “Ik ben in stilte gekomen en ik ga in stilte weg”, was zijn wens.


Terug naar nieuws overzicht